Skip to main content

Communicatietips

Communicatie
Tips
Ga naar onderdeel
'Ik-boodschappen'
Bespreek problemen niet in crisissituaties
Luisteren Samenvatten Doorvragen (LSD)
Generaliseer en beschuldig niet
Stel open vragen

De manier waarop je communiceert heeft invloed op je relaties met anderen. Bij mensen met een psychische kwetsbaarheid luistert het vaak extra nauw. Mensen die niet goed in hun vel zitten, zijn geneigd om wat anderen zeggen op een goudschaaltje te wegen.

Communiceren kun je leren. Een aantal aandachtspunten zijn: gebruik ik-boodschappen; bespreek problemen niet in crisissituaties; luister, vat samen en vraag door; generaliseer en beschuldig niet en stel open vragen.

Hieronder gaan we op de deze punten in.

 

'Ik-boodschappen'

Bij ‘ik boodschappen’ ga je alleen uit van wat jij zelf voelt, ervaart of denkt. Je geeft geen oordeel over de ander en beschuldigt niet.

  • Beschrijf de situatie zonder oordeel, zo objectief en specifiek mogelijk ('Ik merk dat je niet luistert als ik...')
  • Uit je gevoel en mening erover, in de ik-vorm ('Ik vind dat verdrietig, moeilijk, onverstandig…')
  • Benoem jouw grenzen als zodanig ('Ik wil graag ..., ik wil niet meer dat ...')
  • Onderstreep de voordelen van het stellen van grenzen voor beiden ('Als ... niet meer/juist wel gebeurt ... dan houd ik het langer vol.')
     
Geef aan welke gevolgen het gedrag van de ander voor jou heeft

Zo krijgt de ander een duidelijker beeld van waar het jou om gaat. Hij/zij kan je dan beter begrijpen.

‘Het stoort me dat je de televisie nu aanzet. Ik kan daardoor niet lezen.’
‘Ik vind het vervelend dat je je niet aan onze afspraak houdt. Ik had er een afspraak met mijn vriendin voor afgezegd.’
‘Het irriteert me dat je me in de rede valt. Ik raak daardoor de draad van mijn verhaal kwijt.’

Zeg duidelijk wat je wél wilt

Zeg duidelijk en concreet wat je wél wilt. Zo ga je met de ander in gesprek over hoe het beste tegemoetgekomen kan worden aan jouw wens of voorstel.

‘Het stoort me dat je de televisie nu aan zet. Ik kan daardoor niet lezen. Kun je hem nu wat zachter zetten?’
‘Ik vind het vervelend dat je je niet aan onze afspraak houdt. Ik had er een afspraak met mijn vriendin voor afgezegd. Ik wil dat je me het een dag van tevoren laat weten als je een afspraak niet kunt nakomen.’
‘Het irriteert me dat je me in de rede valt. Ik raak daardoor de draad van mijn verhaal kwijt. Ik wil dat je me laat uitpraten.’

Voordelen van het gebruiken van ‘Ik-boodschappen’
  • De ander ervaart jou als veilig, duidelijk en voorspelbaar.
  • Het creëert rust en evenwicht in jezelf en bij de ander.
  • Je neemt jezelf en de ander serieus.
  • Je geeft de ander zijn eigen verantwoordelijkheid terug, en geeft hem of haar zo de kans om de eigen valkuilen te ontdekken en op zoek te gaan naar eigen oplossingen.

 

Bespreek problemen niet in crisissituaties

Een crisissituatie is meestal niet het juiste moment om een probleem te bespreken. Als de emoties hoog zijn opgelopen is er meestal geen ruimte om echt naar elkaar te luisteren. Wacht op een rustiger moment, als de gemoederen bedaard zijn. ('Smeed het ijzer als het koud is')

  • Spreek af wanneer jullie het probleem gaan bespreken
  • Blijf niet eindeloos herhalen
  • Houd het kort en krachtig

 

Luisteren Samenvatten Doorvragen (LSD)

Luisteren, Samenvatten en Doorvragen (LSD) is een goede methode om erachter te komen wat voor iemand echt belangrijk is.

Bij het luisteren spelen ook je opstelling en lichaamstaal een belangrijke rol. Stel je open voor de ander, kijk iemand vriendelijk aan, buig je naar iemand toe en moedig iemand aan om verder te vertellen door bijvoorbeeld te knikken of ‘hummen’.

Vervolgens vat je in jouw woorden samen wat de ander heeft verteld en vraag je of dat klopt, of stel je een verdiepende vraag. Bijvoorbeeld:

'Wat moeilijk om steeds maar weer te merken dat dingen je niet lukken. Heb je een idee waarom het je niet lukt?'
'Als ik je goed heb begrepen wil je zo niet verder. Wat bedoel je daar precies mee?'

 

Generaliseer en beschuldig niet

Als je over het gedrag van de ander praat, is het beter om te zeggen wat hij of zij doet, dan wat hij of zij is. Beschrijf het gedrag van de ander zo concreet mogelijk. Zeg bijvoorbeeld niet ‘je bent een leugenaar’, maar ‘volgens mij is het anders’. Vermijd woorden als ‘altijd’ en ‘nooit’. Besef dat ook jij de waarheid niet in pacht hebt. Een bepaalde situatie kun je op veel verschillende manieren bekijken.

Ook wijzen op dingen die iemand niet kan veranderen is een vorm van beschuldigen. Zeg bijvoorbeeld niet ‘Je verdient te weinig’, als er geen zicht is op loonsverhoging. Dingen die vaststaan kunt u alleen maar accepteren zoals ze zijn.

 

Stel open vragen

Als je open vragen stelt, laat je de ander weten dat je hem of haar serieus neemt en respecteert. De ander zal zich daardoor minder snel terugtrekken of gaan verdedigen. Zo kun je te weten komen wat er werkelijk speelt en kun je samen zoeken naar oplossingen.

Zeg bijvoorbeeld niet: 'Ben je weer te laat thuis!’, maar: ‘Hoe komt het dat je later thuis bent?’

Open vragen zijn vragen die je niet met ‘ja’ of ‘nee’ kunt beantwoorden.Bijvoorbeeld:

  • 'Wat kan ik doen om je te helpen?'
  • 'Ik zie je luisteren, waar luister je naar?'
  • 'Wat voel je eigenlijk als je hebt geblowd?'
  • 'Op welke manier helpt het jou om alcohol te drinken?'